herkrijgen
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- her·krij·gen
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| herkrijgen |
herkreeg |
herkregen |
| klasse 1 | volledig | |
Werkwoord
herkrijgen
- (overgankelijk) opnieuw verwerven
- Het land herkreeg daarmee het grondgebied, verloren in de vorige oorlog.