hees

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hees
Woordherkomst en -opbouw
  • (erfwoord) Germaans *haisaz, vanwaar ook Angelsaksisch: hās en Oudnoors hás (vergelijk Limburgs heisj)
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen hees heser heest
verbogen hese hesere heeste

Bijvoeglijk naamwoord

hees

  1. (personen) geen helder stemgeluid kunnen produceren.
    Je klinkt nogal hees.
  2. (stem) niet helder, klankloos.
    Wat heb je toch een hese stem!

Werkwoord

vervoeging van
hijsen

hees

  1. enkelvoud verleden tijd van hijsen
    Ik hees.
    Jij hees.
    Hij, zij, het hees.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen