harig

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ha·rig
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen harig hariger harigst
verbogen harige harigere harigste

Bijvoeglijk naamwoord

harig

  1. met haar begroeid
    Er kwam een harige borstkas naar voren toen hij zijn shirt uittrok.
  2. bestaande uit een kluwen van draadvormige elementen, doorgaans haren
    Er kwam een harige bende uit het doucheputje.
Synoniemen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen