glide

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Engels

vervoeging
onbepaalde wijs to glide
he/she/it glides
verleden tijd glid (VS)
glided (VK)
glode (VK, archaïsch)
voltooid
deelwoord
glid (VS)
glidden (VS)
glided (VK)
glode (VK, archaïsch)
onvoltooid
deelwoord
gliding
gebiedende wijs glide

Werkwoord

glide

  1. zweven


Noors

Uitspraak
Woordafbreking
  • gli·de
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Nederduits.
stamtijd
onbepaalde
wijs
tegenwoordige
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
glide
glider
glidet
glida
glidet
glida
Klasse 1 zwak

Werkwoord

glide

  1. (om een ski) in de was zetten
Synoniemen


Nynorsk

Uitspraak
Woordafbreking
  • gli·de
Woordherkomst en -opbouw
  • Afkomstig uit het Nederduits.
stamtijd
onbepaalde
wijs
tegenwoordige
tijd
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
glide
glid
(bijvorm) glider
gleid
glide
glidi
Klasse 1 sterk

Werkwoord

glide

  1. glijden
  2. zweven
  3. gesmeerd lopen
Synoniemen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen