feestelijk
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- fees·te·lijk
Woordherkomst en -opbouw
| stellend | vergrotend | overtreffend | |
|---|---|---|---|
| onverbogen | feestelijk | feestelijker | meest feestelijk |
| verbogen | feestelijke | feestelijkere | meest feestelijke |
Bijvoeglijk naamwoord
feestelijk
- als bij een feest.