dreiging

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drei·ging
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord dreiging dreigingen
verkleinwoord dreigingetje dreigingetjes

Zelfstandig naamwoord

dreiging v

  1. een bestraffende handeling die in het vooruitzicht is gesteld
    De dreiging van opsluiting werd de inbreker teveel en hij stopte ermee.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen