differentiëren

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • dif·fe·ren·tië·ren
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
differentiëren
differentieerde
gedifferentieerd
zwak -d volledig

Werkwoord

differentiëren

  1. verdelen volgens een bepaalde verdeelsleutel
  2. (overgankelijk) (wiskunde) het berekenen van de lokale stijging in een functie, het bepalen van de afgeleide van een functie
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen