conserveren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: conserveren (hulp, bestand)
Woordafbreking
- con·ser·ve·ren
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| conserveren |
conserveerde |
geconserveerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
conserveren
- (overgankelijk) verduurzamen, tegen bederf beschermen
- Je kunt deze vruchten ook conserveren.
- (overgankelijk) in stand houden van iets
- Dit oude monument is goed geconserveerd.