chromosoom
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
- Geluid: chromosoom (hulp, bestand)
- IPA: (Noord-Nederland) /ˌχroʊmoʊˈsoʊm/
Woordafbreking
- chro·mo·soom
Woordherkomst en -opbouw
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| naamwoord | chromosoom | chromosomen |
| verkleinwoord | chromosoompje | chromosoompjes |
Zelfstandig naamwoord
chromosoom o
- (biologie) staafachtig lichaampje in de celkern dat drager van erfelijke eigenschappen is
- Bij de mens hebben de lichaamscellen 23 paren chromosomen, te weten 22 paren autosomen en 1 paar geslachtschromosomen.
Hyponiemen
Vertalingen
1. staafachtig lichaampje
Meer informatie
- Zie Wikipedia voor meer informatie.