beperken

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·per·ken
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beperken
beperkte
beperkt
zwak -t volledig

Werkwoord

beperken

  1. (overgankelijk) een verminderde reikwijdte geven, limiteren
    De deelname hieraan is beperkt tot minderjarigen.
  2. (overgankelijk) iemand hinderen in zijn mogelijkheden
Synoniemen
Vertalingen