beleefdheid

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·leefd·heid
Woordherkomst en -opbouw
enkelvoud meervoud
naamwoord beleefdheid beleefdheden
verkleinwoord (beleefdheidje) (beleefdheidjes)

Zelfstandig naamwoord

beleefdheid v

  1. een sociale vaardigheid, die de omgang in de maatschappij vergemakkelijkt
    De beleefdheid van de Britse passagiers op de Titanic heeft hen het leven gekost.
Afgeleide begrippen
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen