beklimmen

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·klim·men
Woordherkomst en -opbouw
stamtijd
onbepaalde
wijs
verleden
tijd
voltooid
deelwoord
beklimmen
beklom
beklommen
klasse 3 volledig

Werkwoord

beklimmen

  1. (overgankelijk) naar de top van iets, zoals een berg, klimmen
    De Everest wordt nu door velen beklommen, maar zal niet ophouden ook slachtoffers te eisen.
Vertalingen
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen