barre

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Woordafbreking
  • bar·re

Bijvoeglijk naamwoord

barre

  1. verbogen vorm van de stellende trap van bar

Spaans

Werkwoord

vervoeging van
barrer

barre

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van barrer.
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van barrer.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen