baggeren
Uit WikiWoordenboek
Inhoud |
Nederlands
Uitspraak
Woordafbreking
- bag·ge·ren
Woordherkomst en -opbouw
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| onbepaalde wijs |
verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| baggeren |
baggerde |
gebaggerd |
| zwak -d | volledig | |
Werkwoord
baggeren
- (inergatief) het uitdiepen van een vaargeul door het verwijderen van overtollig sediment van de bodem