arrest

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Inhoud

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ar·rest
enkelvoud meervoud
naamwoord arrest arresten
verkleinwoord arrestje arrestjes

Zelfstandig naamwoord

arrest o

  1. een aanhouding
    De politieman zei: "Je staat onder arrest!".
Vertalingen


Engels

Uitspraak
enkelvoud meervoud
arrest arrests

Zelfstandig naamwoord

arrest

  1. arrest

Werkwoord

arrest

  1. arresteren
    He was arrested because of violent behaviour.
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Zusterprojecten
Hulpmiddelen
In andere talen