angstaanjagend

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • angst·aan·ja·gend
Woordherkomst en -opbouw
stellend
onverbogen angstaanjagend
verbogen angstaanjagende
partitief angstaanjagends

Bijvoeglijk naamwoord

angstaanjagend

  1. gevoelens van vrees veroorzakend
    De angstaanjagende aardbeving leek wel een eeuwigheid te duren.
Afgeleide begrippen
Vertalingen