aanschouwt

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • aan·schouwt

Werkwoord

vervoeging van
aanschouwen

aanschouwt

  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanschouwen
    Jij aanschouwt.
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van aanschouwen
    Hij aanschouwt.
  3. verouderde gebiedende wijs meervoud van aanschouwen
    Aanschouwt!