wikkel

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • wik·kel
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
wikkelen

wikkel

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wikkelen
    • Ik wikkel. 
  2. gebiedende wijs van wikkelen
    • Wikkel! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van wikkelen
    • Wikkel je? 

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders
97 % van de Vlamingen.

Meer informatie