vooraanstaanders

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • voor·aan·staan·ders

Bijvoeglijk naamwoord

vooraanstaanders

  1. partitief van de vergrotende trap van vooraanstaand
    • Dat is iets vooraanstaanders...