verjaagde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ver·jaag·de

Werkwoord

vervoeging van
verjagen

verjaagde

  1. enkelvoud verleden tijd van verjagen
    • Ik verjaagde. 
    • Jij verjaagde. 
    • Hij, zij, het verjaagde. 
  2. verbogen vorm van verjaagd, voltooid deelwoord van verjagen
Synoniemen