vaser
Uiterlijk
- va·ser
| Naar frequentie | 32208 |
|---|
vaser
- nominatief onbepaald gemeenschappelijk geslacht meervoud van vase
| stamtijd | ||
|---|---|---|
| infinitief | verleden tijd |
voltooid deelwoord |
| vaser |
vasais |
vasé |
| eerste groep | volledig | |
vaser
- onpersoonlijk, (argot) (heftig) regenen
Categorieën:
- Woorden in het Deens
- Woorden in het Deens van lengte 5
- Woorden in het Deens met audioweergave
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Deens
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 5
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Werkwoord in het Frans
- Onpersoonlijk werkwoord in het Frans