Naar inhoud springen

stadje

Uit WikiWoordenboek
  • stad·je

het stadje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord stad
    ▸ Dit pittoreske stadje met zijn kleine straatjes blijft lang verborgen, want het stadje ligt als een adelaarsnest tegen de achterkant van een hoge rots gevleid.[1]
    ▸ Nicolas weet niet dat ik hier ben, hij is naar een huisarts in een stadje een paar kilometer verderop om zijn snee te laten hechten.[2]
  1. ↑
    Marion Pauw e.a.
    “4 wandelaars en een Siciliaan” (2022), The House of Books, ISBN 9789044363340
  2. ↑ “De Camino” (2021), Luitingh-Sijthoff op Wikipedia, ISBN 9789024582280