sta

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • sta

Werkwoord

vervoeging van
staan

sta

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staan
    • Ik sta. 
  2. gebiedende wijs van staan
    • Sta! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van staan
    • Sta je? 
     En sta tezamen, maar niet te dicht bijeen:[1]

Verwijzingen

  1. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia