schoenen
Uiterlijk
- schoe·nen
de schoenen mv
- meervoud van het zelfstandig naamwoord schoen
- ▸ Slechts vier mensen, waaronder ik, hadden microspikes voor onder hun schoenen.[1]
- ▸ Olive moest haar schoenen uitschoppen en op haar kousen verder lopen, waarbij ze af en toe haar voetzolen bezeerde aan een steen.[2]
- ▸ 'Trek je schoenen uit, Teresa,' zei hij, als een vader tegen zijn kind, en het was een absurd pijnlijk moment toen ze gehoorzaam deed wat hij zei.[2]
- ▸ De bewaker links verplaatste zijn voeten iets, verstandige schoenen die dreiging uitbeeldden.[2]
- Het woord schoenen staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- In onderzoek uit 2013 van het Centrum voor Leesonderzoek werd "schoenen" herkend door:
| 100 % | van de Nederlanders; |
| 100 % | van de Vlamingen.[3] |
- ↑ Tim Voors“Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers

- 1 2 3 Jessie Burton vert. Marja Borg“De muze” (2017), Luitingh-Sijthoff
, ISBN 9789024574704 - ↑
Door archive.org gearchiveerde versie van 21 oktober 2019 “Word Prevalence Values” op ugent.be
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 8
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Woorden met 2 lettergrepen in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands met IPA-weergave
- Zelfstandignaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Prevalentie Nederland 100 %
- Prevalentie Vlaanderen 100 %