satisfy

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

vervoeging
onbepaalde wijs to satisfy
he/she/it satisfies
verleden tijd satisfied
voltooid
deelwoord
satisfied
onvoltooid
deelwoord
satisfying
gebiedende wijs satisfy

Werkwoord

satisfy

  1. bevredigen
    «This did not satisfy him at all.»
    Dit bevredigde hem in het geheel niet.
  2. voldoen
    «This satisfies all requirements.»
    Dit voldoet aan alle eisen.