plezant

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ple·zant
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘aangenaam’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1511 [1]
stellend vergrotend overtreffend
onverbogen plezant plezanter plezantst
verbogen plezante plezantere plezantste
partitief plezants plezanters -

Bijvoeglijk naamwoord

plezant

  1. plezierig vooral gebruikt in België
    • Het was plezante om met mijn vrienden op vakantie te gaan. 

Gangbaarheid

94 % van de Nederlanders;
100 % van de Vlamingen.

Verwijzingen