perste uit

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • pers·te uit
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van
uitpersen

perste uit

  1. enkelvoud verleden tijd van uitpersen
    • Ik perste uit. 
    • Jij perste uit. 
    • Hij, zij, het perste uit. 


Gangbaarheid