overlaadde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • over·laad·de

Werkwoord

vervoeging van
overladen

overlaadde

  1. enkelvoud verleden tijd van overladen
    • Ik overlaadde. 
    • Jij overlaadde. 
    • Hij, zij, het overlaadde. 
Verwante begrippen

Werkwoord

vervoeging van
overladen

overlaadde

  1. (in een bijzin) enkelvoud verleden tijd van overladen
    • ... dat ik overlaadde. 
    • ... dat jij overlaadde. 
    • ... dat hij, zij, het overlaadde.