mailtje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • mail·tje

Zelfstandig naamwoord

mailtje o

  1. verkleinwoord enkelvoud van het zelfstandig naamwoord mail

Gangbaarheid

99 % van de Nederlanders;
97 % van de Vlamingen.