lobbesen

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • lob·be·sen

Zelfstandig naamwoord

lobbesen mv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord lobbes

Gangbaarheid

55 % van de Nederlanders;
19 % van de Vlamingen.