kabbelingetjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • kab·be·lin·ge·tjes

Zelfstandig naamwoord

kabbelingetjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord kabbeling

Gangbaarheid