hoor

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • hoor
Woordherkomst en -opbouw
  • In de betekenis van ‘tussenwerpsel: ter bevestiging van een uitspraak’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1781 [1]

Tussenwerpsel

hoor

  1. ter bevestiging, ontkenning, toestemming, instemming enz. tussen of na een uitspraak of mededeling
    • Meerminnen bestaan niet echt, hoor! 
Uitdrukkingen en gezegden
  • het beginsel van hoor en wederhoor toepassen
naar beide partijen in een conflict luisteren voordat je een oordeel velt
  • Hij wijst op het fractiereglement van D66 waarin volgens hem duidelijk staat welke procedure er moet worden gevolgd als een lid uit de fractie wordt gezet. Zo moet er met de voltallige fractie worden vergaderd, moet er hoor en wederhoor zijn en moet er met het afdelingsbestuur van D66 zijn gesproken.[2]
  • In dit soort gevallen is het belangrijk - voor het bedrijf, voor de betrokkenen én juridisch - om een klacht voortvarend, maar ook zorgvuldig, op te pakken. Het beginsel van hoor en wederhoor is daarbij van zeer groot belang. De klager moet worden gehoord maar óók degene waarover is geklaagd. Beiden moeten hun verhaal kunnen doen. Het doen van nader onderzoek kan nodig zijn als de verhalen van de klager en degene waarover is geklaagd haaks op elkaar staan. In dat geval kunnen collega’s bijvoorbeeld worden gehoord.[3]

Werkwoord

vervoeging van
horen

hoor

  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van horen
    • Ik hoor. 
  2. gebiedende wijs van horen
    • Hoor! 
  3. (bij inversie) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van horen
    • Hoor je? 
     Ik bedankte hem, trok me terug in de wc, de enige stille ruimte waar de telefoon nog bereik had, en belde mijn dochter in Nederland. Het was daar nog vroeg in de ochtend, maar gelukkig nam ze snel op. ‘Lang zal ze leven, lang zal ze leven…’ zong ik opgewekt door de telefoon, maar al snel hoorde ik ‘hallo…hallo…ik hoor niks, mam’.[4]

Gangbaarheid

100 % van de Nederlanders;
98 % van de Vlamingen.[5]

Meer informatie

Verwijzingen

  1. "hoor" in: Sijs, Nicoline van der, Chronologisch woordenboek. De ouderdom en herkomst van onze woorden en betekenissen, 2e druk, Amsterdam / Antwerpen: Veen, 2002; op website dbnl.org; ISBN 90 204 2045 3
  2. de Telegraaf 30 nov. 2017
  3. de Telegraaf EDITH VAN SCHIE, ARBEIDSRECHTJURIST XPERTHR 31 okt. 2017
  4. Tim Voors “Alleen, De Pacific Crest Trail te voet van Mexico naar Canada”, eBook: Mat-Zet bv, Soest (2018), Fontaine Uitgevers op Wikipedia
  5. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be