gewettigd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·wet·tigd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van: wettigen…
verbogen vorm: gewettigde

gewettigd

  1. voltooid deelwoord van wettigen

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
99 % van de Vlamingen.[1]

Verwijzingen

  1. Bronlink geraadpleegd op 28 april 2020 Weblink bron Gearchiveerde versie “Word Prevalence Values” op ugent.be