gedecideerd

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • ge·de·ci·deerd
Woordherkomst en -opbouw

Werkwoord

vervoeging van: decideren…
verbogen vorm: gedecideerde

gedecideerd

  1. voltooid deelwoord van decideren

Gangbaarheid

95 % van de Nederlanders;
94 % van de Vlamingen.[2]

Verwijzingen