frykte
Uiterlijk
- fryk·te
| Naar frequentie | 4558 |
|---|
frykte
- overgankelijk bang zijn, vrezen
- «Du har ingenting å frykte!»
- Je hebt niets te vrezen!
- «Du har ingenting å frykte!»
- overgankelijk godvrezend zijn (God eren en aanbidden), opkijken tegen, opzien tegen
- [2]: dyrke
- [2]: adlyde
- [1-2]: frykte for
- fryk·te
frykte
- onovergankelijk bang zijn, vrezen
- overgankelijk godvrezend zijn (God eren en aanbidden), opkijken tegen, opzien tegen
- [1-2]: frykte for
Categorieën:
- Woorden in het Noors
- Woorden in het Noors van lengte 6
- Woorden in het Noors met audioweergave
- Woorden in het Noors met IPA-weergave
- Zwak werkwoord klasse 1 in het Noors
- Werkwoord in het Noors
- Overgankelijk werkwoord in het Noors
- Woorden in het Nynorsk
- Woorden in het Nynorsk van lengte 6
- Woorden in het Nynorsk met audioweergave
- Woorden in het Nynorsk met IPA-weergave
- Zwak werkwoord klasse 1 in het Nynorsk
- Werkwoord in het Nynorsk
- Onovergankelijk werkwoord in het Nynorsk
- Overgankelijk werkwoord in het Nynorsk