fæcesprøver

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Deens

Uitspraak
Woordafbreking
  • fæ·ces·prø·ver
Naar frequentie zeldzaam

Zelfstandig naamwoord

fæcesprøver

  1. nominatief onbepaald gemeenschappelijk geslacht meervoud van fæcesprøve