eureka

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Archimedes krijgt zijn eureka moment in bad
Uitspraak
Woordafbreking
  • eu·re·ka
Woordherkomst en -opbouw
  • Leenwoord uit het Grieks, in de betekenis van ‘tussenwerpsel: uitroep bij ontdekking’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1847 [1]

Tussenwerpsel

eureka

  1. ik heb het gevonden!, het kwartje is gevallen!
    • De ondernemer in spé zat nog wel met een probleem. Als mensen een zonnepaneel zelf op hun dak leggen, hoe voorkom je dan dat het wegwaait? „Het eureka-moment kwam toen ik onder de douche stond. Door net als bij een parasolvoet de bodem van het paneel te vullen met water, voorkom je dat hij weg kan waaien.”[2] 
Vertalingen

Gangbaarheid

97 % van de Nederlanders;
95 % van de Vlamingen.[3]

Meer informatie

Verwijzingen