duuje

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
duuje
duujdje, deew
geduujdj, gedówwe
klasse 7 volledig
  • IPA: /dyjɐ/ (Etsbergs)

Werkwoord

duuje

  1. duwen