drieve

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Limburgs

Uitspraak
stamtijd
infinitief verleden
tijd
voltooid
deelwoord
drieve
dreef
gedreve
klasse 1 volledig
  • IPA: /ˈdriːvɐ/ (Etsbergs)

Werkwoord

drieve

  1. drijven
    «Aan eers biegónze dreef die gavendje boeat nag good.»
    Tot ieders verbazing dreef de gehavende boot nog goed.