driehonderdtachtigjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drie·hon·derd·tach·tig·jes

Zelfstandig naamwoord

driehonderdtachtigjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord driehonderdtachtig

Gangbaarheid