driehonderdeenentachtigjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • drie·hon·derd·een·en·tach·tig·jes

Zelfstandig naamwoord

driehonderdeenentachtigjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord driehonderdeenentachtig

Gangbaarheid