Naar inhoud springen

doren

Uit WikiWoordenboek
  • do·ren
[A] enkelvoud meervoud
naamwoord doren dorens
verkleinwoord dorentje dorentjes

[A]dedorenm

  1. (beschrijvende plantkunde) scherp uitsteeksel aan een plant
    • Pas op voor die struik met al die dorens! 

[B]dedorenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord door
34 %van de Nederlanders;
34 %van de Vlamingen.[4]
vervoeging van
dorar

doren

  1. aanvoegende wijs derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van dorar
  2. gebiedende wijs (bevestigend en ontkennend) derde persoon meervoud tegenwoordige tijd (presente) van dorar