divide

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Engels

vervoeging
onbepaalde wijs to divide
he/she/it divides
verleden tijd divided
voltooid
deelwoord
divided
onvoltooid
deelwoord
dividing
gebiedende wijs divide
Uitspraak

Werkwoord

divide

  1. verdelen
  2. delen


Spaans

Werkwoord

vervoeging van
dividir

divide

  1. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dividir
  2. gebiedende wijs (bevestigend) tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd (presente) van dividir