dilatoire
Uiterlijk
- di·la·toi·re
dilatoire
- verbogen vorm van de stellende trap van dilatoir
- Het woord dilatoire staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.
- 13de-eeuws leenwoord van juridisch Latijn dilatorius (afleiding van dilatum, supinum van differre "uitstellen; verspreiden") [1]
| enkelvoud | meervoud | |
|---|---|---|
| mannelijk / vrouwelijk |
dilatoire | dilatoires |
dilatoire
- ↑ dilatoire (Etymologie) in: Le Trésor de la Langue Française informatisé (1971-1994)
op de website cnrtl.fr
.
Categorieën:
- Woorden in het Nederlands
- Woorden in het Nederlands van lengte 9
- Woorden in het Nederlands met audioweergave
- Bijvoeglijknaamwoordsvorm in het Nederlands
- Woordenlijst Nederlandse Taal
- Woorden in het Frans
- Woorden in het Frans van lengte 9
- Woorden in het Frans met audioweergave
- Woorden in het Frans met IPA-weergave
- Bijvoeglijk naamwoord in het Frans
- Juridisch in het Frans