deux-piècesjes

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • deux-pi·è·ces·jes

Zelfstandig naamwoord

deux-piècesjes mv

  1. verkleinwoord meervoud van het zelfstandig naamwoord deux-pièces