Naar inhoud springen

deugden

Uit WikiWoordenboek
  • deug·den

dedeugdenmv

  1. meervoud van het zelfstandig naamwoord deugd
     Volgens Maclntyre kun je deugden alleen maar afleiden uit de gemeenschap waarin je verkeert.[1]
     Die intensivering kan worden samengevat in termen van de drie, niet voor niets door Paulus 'uitgevonden', christelijke deugden van geloof, hoop en liefde.[2]
vervoeging van
deugen

deugden

  1. meervoud verleden tijd van deugen
    • Wij deugden. 
    • Jullie deugden. 
    • Zij deugden. 
  1. Daan Bronkhorst
    “Kierkegaard” (2020), Athenaeum - Polak & Van Gennep op Wikipedia, ISBN 9789025313562
  2. Paul van Tongeren
    “Nietzsche” (2020), Amsterdam University Press op Wikipedia, ISBN 9789048529407