creëerde
Uiterlijk
- cre·eer·de
| vervoeging van |
|---|
| creëren |
creëerde
- enkelvoud verleden tijd van creëren
- Ik creëerde.
- Jij creëerde.
- Hij, zij, het creëerde.
- Ik creëerde.
- Het woord creëerde staat in de Woordenlijst Nederlandse Taal van de Nederlandse Taalunie.