connect

Uit WikiWoordenboek
Ga naar: navigatie, zoeken

Engels

Uitspraak
  • IPA: /kəˈnɛkt/
vervoeging
onbepaalde wijs to connect
he/she/it connects
verleden tijd connected
voltooid
deelwoord
connected
onvoltooid
deelwoord
connecting
gebiedende wijs connect

Werkwoord

connect

  1. verbinden