behandelde

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·han·del·de

Deelwoord

behandelde

  1. verbogen vorm van het voltooid deelwoord behandeld van behandelen

Werkwoord

vervoeging van
behandelen

behandelde

  1. enkelvoud verleden tijd van behandelen
    • Ik behandelde. 
    • Jij behandelde. 
    • Hij, zij, het behandelde.