begroot

Uit WikiWoordenboek
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

Nederlands

Uitspraak
Woordafbreking
  • be·groot
Woordherkomst en -opbouw
  • vervoeging van begroten: de stam zonder -t omdat de stam al op -t eindigt en zonder ge- vanwege voorvoegsel

Werkwoord

vervoeging van
begroten

begroot

  1. enkelvoud tegenwoordige tijd van begroten
  2. gebiedende wijs van begroten
  3. voltooid deelwoord van begroten

Deelwoord

deelwoord
onverbogen begroot
verbogen begrote
vervoeging van
begroten

begroot voltooid deelwoord van begroten

  1. vormt de voltooide tijden
    • Ziekenhuizen hebben de gestegen loonkosten niet goed begroot. 
  2. vormt de lijdende vorm
    • De totale kosten worden begroot op ruim 3,5 miljoen dollar. 
  3. als naamwoordelijk deel van het gezegde gebruikt
    • De aanlegkosten zijn begroot op 150 miljoen euro. 
  4. attributief gebruikt
    • De aanleg van de nieuwe brug gaat beduidend meer kosten dan de begrote 10 miljoen euro.